Mind-Spring Junior

een steun programma voor asielzoekers- en vluchteling-kinderen

Mind Spring – Psycho-educatie en opvoedingsondersteuning voor vluchtelingen

Paul Sterk

 

Mind-Spring is oorspronkelijk bedacht in Sierra Leone. Het is een programma voor psycho-educatie en opvoedingsondersteuning in de eigen taal en cultuur, dat “vernieuwing en veerkracht” poogt terug te geven aan vluchtelingen en asielzoekers. In dit artikel belicht Paul Sterk de uitgangspunten van Mind-Spring, die binnen AZC’s in Nederland al 14 jaar worden toegepast.

 

Vluchtelingen en asielzoekers hebben te maken met gevolgen van traumatisering, migratie, acculturatie, en sociale marginalisatie. Hierdoor vormen ze een risicogroep voor het ontwikkelen van psychische problemen. Tegelijkertijd ervaren ze dikwijls een hoge drempel naar professionele hulpverlening. Mind-Spring beoogt psychische problemen bij deze groep te voorkomen en/of te verminderen door bestaande en beproefde preventieve methoden en theoretische principes zoals Psycho-educatie, RET, Stress reductie en Empowerment te combineren. Naast de inhoud, is de vorm waarin de interventie wordt aangeboden een belangrijk element. Dit gebeurt door de inzet van peer educators die de wezenlijk belangrijke vertaalslag in taal en cultuur maken.

Over Mind-Spring
Mind-Spring is oorspronkelijk ontstaan in Sierra Leone. Het oorspronkelijke opleidingsprogramma bestond vooral uit ontspanningsoefeningen en psycho-educatie rond stress. Gedurende de opleiding ontstond de behoefte meer te leren over oorzaak en gevolg en het leren herkennen van emoties. Onder de titel “Beheers jij jouw emoties? Of beheersen de emoties jou?” werden modules uit de rationele emotieve therapie (RET) inzichtelijk gemaakt aan de hand van voorbeelden uit de praktijk. Deze cognitieve benadering werd later in Nederland verder uitgewerkt en is de rode draad in de methodiek geworden.

Mind-Spring probeert zo beeldend mogelijk met deelnemers te werken. Het programma maakt gebruik van reflexieve oefeningen om deelnemers bewust te maken van hoe emotieve processen bij henzelf werken, zodat zij leren hoe ze zelf weer controle krijgen op hun leven. Belangrijk is dat hiertoe opgeleide vluchtelingen en asielzoekers, samen met een GGZ-professional, psychosociale ondersteuning geven aan mede asielzoekers of vluchtelingen. Deze groepsbijeenkomsten hebben het karakter van een training waarin specifieke problemen behandeld worden. De asielzoekers en vluchtelingen worden geïnformeerd over problemen die kunnen spelen op het gebied van stress, depressie en lusteloosheid, trauma, rouw en schuldgevoelens, ontheemding en acculturatie, verlies van verworvenheden in eigen land en de dagelijkse beslommeringen op een asielzoekerscentrum. Verder wordt aandacht besteed aan waarom men deze problemen kan hebben en wat men er zelf aan kan doen (RET / CGT). Bij meer ernstige problematiek verwijzen de trainers door naar professionele GGZ-hulp.

Asielzoekers en Statushouders:
Verschillende modules van het programma Mind-Spring worden aangeboden aan asielzoekers op de asielzoekerscentra in Nederland. Het programma zit in het standaard verstrekkingenpakket (geïndiceerde preventie) van Menzis (MCA). Ook wordt het programma aangeboden aan vluchtelingen (statushouders) buiten de centra, die hun weg in de Nederlandse samenleving aan het vinden zijn. Het aanbod aan statushouders groeit, omdat specifieke groepen vluchtelingen op het ogenblik vrij snel een voorlopige status en een woning krijgen. Ineens maken ze deel uit van ‘Nederland’. Mind-Spring kan hen helpen hun vluchtgeschiedenis te verwerken, de weg naar hulp te vinden, maar vooral ook om weer eigen kracht te vinden en te integreren.

 

Rolmodel

De peer educator van Mind-Spring verbindt thema’s en theorie aan de ervaringen van de deelnemers door te refereren aan gemeenschappelijke ervaringen en eigen voorbeelden. Hierdoor wordt interactie in de groep aangemoedigd en inbreng van de deelnemers gestimuleerd. Verhalen en voorbeelden worden beter uitgelegd en begrepen in eigen taal en met kennis van de eigen cultuur. De Mind-Spring trainers hebben immers ook een vluchtgeschiedenis, maar ze kunnen relateren aan de manier die ze zelf hebben gevonden om hun verhaal te verwerken. De trainers zijn een rolmodel voor asielzoekers die aan het begin van dat proces staan. De taak van de GGZ-professional is vooral aanvullend op inhoud, gericht op coaching van de trainer en is bedoeld om deelnemers te screenen of er meer nodig is dan alleen de preventieve interventie.

 

Vangnet

Wanneer wordt gesignaleerd dat onder de deelnemers mensen zijn die dusdanig last hebben van psychische klachten dat psycho-educatie niet voldoet (bijvoorbeeld omdat er aanwijzingen zijn voor depressieve stoornis, angststoornis, post traumatische stress stoornis), dan wordt verwezen naar meer specialistische hulp. De GGZ-medewerker beslist of verdere verwijzing nodig is en draagt dan ook zorg voor de overdracht naar tweedelijns zorg, op basis van zijn expertise om preventie overstijgende psychische problematiek te onderkennen. Omdat deze professionele expertise deel uitmaakt van de groepsaanpak, is de drempel richting GGZ lager en lijkt het stigmatiseringseffect minder. Is de problematiek dusdanig dat functioneren in een groep lastig is (psychotische kenmerken, ernstige verslaving), dan wordt de deelnemer niet in de groep toegelaten.

 

Toekomst:

Mind-Spring heeft zijn weg gevonden binnen de asielzoekerscentra in Nederland, België en Denemarken. In Sierra Leone en Burundi zijn nog zelfhulpgroepen van vrijwillige terugkeerders uit Nederland, die door Mind-Spring worden ondersteund. Sinds 2016 is er ook een module Mind-Spring Junior, voor kinderen van 8 tot 13 jaar. Voor de leeftijdsgroep 13 plus is op het ogenblik een programma in ontwikkeling. De junior groep loopt parallel aan de Mind-Spring ouderschap ondersteuningsgroep, zoals ook het geval is in Denemarken. Deze combinatie versterkt elkaar, er ontstaat meer inzicht en begrip tussen ouders en kinderen. Verkennende gesprekken met gemeenten en GGZ in de regio’s over mogelijke uitrol in gemeenten zijn gaande.

 

Ervaringen en effecten

De psycho-educatie groepen worden afgesloten met een vragenlijst voor zowel deelnemers als GGZ-medewerkers en peer-educators. De vluchtelingen en asielzoekers zijn positief over het programma en het positieve proces dat op gang komt nadat ze deelnamen aan een Mind-Spring psycho-educatie groep (Verschoor et al., 2010). Het overgrote deel heeft alle bijeenkomsten bijgewoond (soms uitval door overplaatsing of familieomstandigheden). Gaandeweg voegden nieuwe deelnemers zich bij de bijeenkomsten. Wanneer Mind-Spring eenmaal op gang is in een asielzoekerscentrum blijkt het een wervende kracht te hebben. Bewoners stimuleren elkaar mee te doen. Vluchtelingen en asielzoekers voelen zich gesteund door de her- en erkenning van hun problemen. Er is weer een positief zelfbeeld (positieve identiteit) en mensen hebben het gevoel zelf weer iets te kunnen ondernemen. Dit werkt activerend, stimulerend en stress reducerend.

 

Werkzame interventie

Mind-Spring is geëvalueerd door het RIVM als “wetenschappelijk goed onderbouwd”. Dit betekent dat het plausibel is dat het als preventieprogramma werkt, hoewel de effectiviteit niet ‘hard’ is aangetoond. Als methodiek is Mind-Spring gekenmerkt als een goed praktijkvoorbeeld (Aspinall & Watters, 2010). Wat duidelijk is, is dat mensen die veel ellende meemaken baat hebben bij het programma.

 

Ervaringen elders

 

In België wordt het programma al 10 jaar uitgevoerd. De werking werd geëvalueerd door de Universiteit van Leuven. Deelnemers geven aan zich minder down te voelen, meer energie te hebben.

 

In Denemarken waar het programma vooral met groepen statushouders worden uitgevoerd werd de ouderschap ondersteuningsgroep geëvalueerd door de Universiteit van Kopenhagen. In interviews met deelnemers na drie jaar gaven ouders aan meer open te staan voor de eigen ideeën van kinderen en ze vrijer te kunnen laten. Er ontstonden meer gesprekken tussen ouders en kinderen over zaken die hen bezighielden. Ouders hadden onderling minder conflicten.